Puppymelk aanmaken volgens voorschrift op de verpakking

Puppymelk aanmaken

Puppymelk aanmaken moet altijd gebeuren volgens voorschrift op de verpakking en of de bijsluiter. Gebruik nooit meer melkpoeder dan voorgeschreven. Dit kan leiden tot diarree. Doggylac is melk die zeer goed en gemakkelijk aan te maken is, zonder dat het product oproomt, klontert of uitzakt. Voor het aanmaken van de puppymelk volg je de gebruiksaanwijzing.

Puppymelk aanmaken en klaarmaken voor de pups

  • goede aanmaaktemperatuur (meestal 45-50° C);
  • juiste mengtijd;
  • goede verstrekkingstemperatuur (ca. 38° C);
  • per keer niet meer dan de benodigde melkconsumptie puppymelk aanmaken. Voor één dag puppymelk aanmaken;
  • bij een goede pupmelk komt de concentratie overeen met die van tevenmelk d.w.z. ongeveer 200 gram per liter aangemaakte oplossing;
  • niet gebruikte melk kan in de koelkast bewaard worden en bij de volgende voeding weer opgewarmd worden;
  • Bij een goede pupmelk, die per ml ca. 4,2 kJ ( 1 kcal) verteerbare energie bevat, kan als richtlijn de volgende melkhoeveelheid aangehouden worden: 180 ml per kg lichaamsgewicht. Voor een pup van 250 g betekent dit dus 45 ml per dag.

Verstrekken van de melk

Doggylac bevat, dankzij strenge selectie van grondstoffen, evenals tevenmelk een laag melksuikergehalte en heeft een hoog energie-/eiwitniveau. Tevens is de melk zeer goed en gemakkelijk aan te maken, zonder dat het product oproomt, klontert of uitzakt. Voor slecht etende hoog drachtige en zogende teven is Doggylac een energie- en eiwitleverancier bij uitstek, die graag wordt opgenomen.

Bij moederloze pups is de volgende voedingsfrequentie aan te bevelen:

  • 0 – 2 dagen: 8 – 12 voedingen per dag goede resultaten zijn bereikt met:
    8 voedingen om de 3 uur / 9 voedingen om de 2 uur; ’s nachts om de 4 uur
  • 3 – 7 dagen: 6 voedingen per dag
  • 8 – 16 dagen: 5 voedingen per dag
  • na 16 dagen: 4 voedingen per dag

Zuigflesje

Wanneer de pups jonger dan 15 dagen zijn, moet de melk met behulp van een zuigflesje worden verstrekt. Een pipet is een handige en hygiënische manier om de melk of water in de bek te druppelen zonder vloeistoffen te verliezen. De melk kan in een warmwaterbad of met de magnetron op ca. 38°C gebracht worden. Een lange speen, die voldoende diep in de bek past, vergemakkelijkt het drinken. Bij het op de kop houden van het flesje moet en een paar druppels melk naar beneden vallen. Als de melk te gemakkelijk uit de fles stroomt drinkt de pup te gulzig en is de kans op verslikking groot. Bij een gulzige drinker is het goed na het voeren de pup te laten boeren.

Ontlasting

Na iedere voeding stimuleert de moederhond de blaas en darmen van de pup om de ontlasting af te voeren. Dit is belangrijk en kun je doen door na iedere voeding met een warme doek of met je hand over de buikjes van de pups te wrijven. Na zo’n 2 à 3 weken zal de pup zonder stimulatie ontlasten.

Maagsonde

Zeker bij zwakke pups, die niet of slecht drinken, is het verstandig een maagsonde te gebruiken. Deze is verkrijgbaar bij de dierenarts. Dit levert een flinke tijdsbesparing op. Door een soepele sonde voorzichtig via het bekje en de slokdarm in de maag te schuiven, kan de juiste hoeveelheid melk in 1 tot 2 minuten worden verstrekt.
De juiste lengte van de maagsonde is te bepalen door de lengte van de bek tot de laatste rib te meten en dit op de sonde te markeren.
De dierenarts kan u, indien u twijfelt, hiervoor instructie geven.
Na het drinken is essentieel de buik te masseren met een zachte doek om de ontlasting en urine te laten komen en de bloedsomloop te stimuleren.

Dag 15 tot 18

Oudere pups, vanaf 15 tot 18 dagen moeten de melk warm verstrekt krijgen uit een plat bakje met een klein opstaand randje. Het aanleren wordt vergemakkelijkt door eerst wat melk van de vingers te laten likken aan de rand van het bakje.
Dit geldt ook voor pups, die met melk moeten worden bijgevoerd omdat de teef te weinig melk heeft.
Bakjes moeten goed schoon gehouden worden om geen ongewenste bacteriegroei te krijgen.

Als de pups ca. 1 maand oud zijn

Vanaf ca. 4 weken kan worden begonnen de pups naast melk, brokjes te geven, zodat de pups op tijd wennen aan vaste voeding. De eerste dagen kunnen de brokjes iets geweekt worden om het eten te vergemakkelijken.
Begin met 90% melk en 10% brokjes en bouw dit langzaam op per dag.
Na 5 à 6 weken zijn de tandjes door en kun je de pups droge brokjes voeren. Omdat de pups aan de smaak van de brokjes gewend zijn, zal dit geen probleem zijn. De hoge kwaliteit van de ingrediënten in deze voeding zorgt voor een evenwichtige groei, sterke botten, soepele en een gezonde vacht.